Wapke Feenstra verkende in 2010 het Limburgse landschap en volgde de bewegingen van grondgebonden producten.

28 APRIL- BORGLOON - NIEUWE AANPLANT

Dit jaar duurde het lang voordat de grond vorstvrij was. 'Alles is laat!' Het was ook te droog, begin april. Maar het komende weekend wordt er regen verwacht, vertelt Koen Martens. Vandaag plant hij de laatste Belgica- appelbomen, zet ze vast en knipt ze af. Het lijkt wreed, zo'n pas aangeplant boompje meteen weer te onthoofden, maar Koen legt uit dat hij dat juist doet zodat alle aandacht naar de nieuwe wortels kan gaan. Dat komt het leven van deze boompjes ten goede. Toch krijgen ze het nog zwaar, want door de naastgelegen oude boomgaard ontstaan veel fruitziekten. Bij die hoogstambomen lopen Belgische Wit-Blauwen, die alles tot koereikhoogte opeten. 'Maar verder doen ze er geen onderhoud aan en dat geeft ongedierte,' zegt Koen en haalt de schouders op.

28 APRIL- BORGLOON - PROBLEEMPJES

Nu pas is de bloesem in volle bloei! Toeristen met zadelpijn stappen af en bewonderen de pracht. De appelboer heeft andere zorgen. Het heeft begin deze week een paar uur gevroren. Van vijf tot zeven uur in de ochtend. Daarom wordt de bloesem nagekeken op vorstschade. Verkleurde meeldraden duiden op schade. Schade leidt tot een slechte oogst of veel misvormde appels. De Jonagold staat wat lager en heeft meer schade dan de Belgica, die boven op de heuvel staat. Toch is Koen Martens niet ontevreden. Verderop had een boer zes uur nachtvorst en dat is funest voor een goede fruitoogst. Dan kondigt het volgende gevaar zich aan: een rupsje. 'Dat wordt een fruitmot!' weet hij. Omdat het er nog relatief weinig zijn, wordt feromoonverwarring toegepast. Door expres te veel geurstof van een vrouwelijke mot te verspreiden, zijn de mannetjes straks de weg kwijt.