NIEUWSBRIEF juni 2010

FLACC

WERKPLAATS VOOR BEELDENDE KUNSTENAARS
Wapke Feenstra

Wapke Feenstra verkent in 2010 het Limburgse landschap. Dit gebeurt door het volgen van de bewegingen van grondgebonden producten.

20 mei – Bichterweerd Dilsen-Stokkem en Zuid-Willemsvaart – Vracht

Wapke Feenstra

De Lena wordt aan de Zuid-Willemsvaart beladen met 120 ton breekzand, dat is veertig vrachtauto´s. Drie vrachtauto´s kiepen af en aan het binnenschip vol. Schipper Ab Wemmenhove let er op dat de lading goed wordt verdeeld en zoon Lennard schuurt zoemend de roest van het dek. Zodra het schip vol is gaan de luiken dicht – tegen het stuiven. Schippersvrouw Mini gaat varen. Dek en luiken worden al varend schoongespoeld en goed geschrobd. Mini vaart voorzichtig want ze zijn voor de Zuid-Willemsvaart op maximale diepgang geladen. Middernacht legt de familie aan ten noorden van de sluis van Born. Dat is hemelsbreed nog geen vijf kilometer van Bichterweerd, daar waar de maaskeien werden vermorzeld tot breekzand.

21 mei – De Lena – Varen

Wapke Feenstra

Om zes uur in de ochtend slaat de zware diesel aan. Ab vaart de eerste uren en wisselt die ochtend af met vrouw en zoon. Het gaat gestaag richting noorden via de Maas en de gekanaliseerde Maas. De Pinkstertoeristen zijn al zichtbaar op de oevers en het landschap kabbelt voort. Lennard gaat in de middag van boord. Hij moet voetballen, want kan dit seizoen nog topscorer worden. Na het Maas-Waalkanaal komt Lena op de Waal. Daar staat wat meer stroming, maar het is erg rustig met het scheepsverkeer. `Er is weinig vracht` vertelt Ab, `en als er vracht is, dan is de prijs laag`. De crisis is voelbaar maar `een schip moet niet stilliggen` heeft hij van zijn vader geleerd. Nieuwe vrachten worden per telefoon in de stuurhut geregeld. Getweeën mogen ze 14 uur varen, dat is even rekenen maar ze halen de Prinses Irene Sluis op tijd en liggen daar langszij bij de Delta uit Dordrecht.

22 mei – De Lena - Op naar de Lage Weide

Wapke Feenstra

Weer om zes uur in de stuurhut en varen. Voor Ab is dat dagelijkse kost. Mini brengt het ontbijt bij hem boven en ze varen in de loop van de ochtend Utrecht binnen. Er staat een nostalgisch rood Utrechts wapen op hun binnenschip. Ab is van oorsprong Utrechtenaar maar het gezin staat al jaren ingeschreven in Werkendam. De kinderen zaten daar op het reformatorische internaat De Merwede en wonen aan wal. Lena arriveert rond het middaguur bij de Firma Pouw in Lage Weide. Het is stil en verlaten. Met de Pinksterdagen wordt er niet gewerkt.

25 mei – Lage Weide – Lossen

Wapke Feenstra

Bij Pouw is het een drukte van belang. Vrachtauto’s rijden af en aan, er wordt gerecycled op lange transportbanden, met laadbakken geschept en aan de kade staat de gele kraan te lossen. Om tien uur is Lena aan de beurt. Dat lossen gaat veel sneller dan het laden, vijf uur laden en twee en een halfuur lossen, dat is de verhouding. De gele kraan staat nooit stil en wisselt vier keer van machinist. Het breekzand wordt via een transporteur in blauwe silo´s opgeslagen, het is bestemd voor slijtlagen van autowegen. Ab en Mini zijn blij dat ze deze keer het ruim niet hoeven schoon te maken, de bobcat van Pouw maakt alles goed schoon en bovendien: breekzand is erg zuiver.

26 mei - Sonnisheide – Kudde naar de hei

Wapke Feenstra

De eerste schapen kuieren om zeven uur uit de schuifdeur. Ze aarzelen even, rennen een stukje, wachten op de rest en stuiven dan als een dikke stofwolk richting heide. Johan Schouteden doet de afrastering dicht, het is een wit lint waar stroom op staat. Vandaag wordt de afrastering gecontroleerd, want alle linten moeten strak staan. Met de bordercollie in de laadbak rijdt hij via brandgangen en over smalle verharde wegen langs verkeersborden met doodshoofden erop, daar wordt met scherp geschoten. De heide is een militair oefenterrein. Schapen wennen daaraan, maar de boer mag na negenen niet meer op de heide komen.

26 mei – Sonnisheide – Kudde naar de stal

Wapke Feenstra

Het heeft gegoten maar rond half acht is het droog. Toon Schouteden, de zoon van Johan, haalt de kudde binnen. Zodra de schapen de hond zien komt er beweging in de lichte vlekken op de heide. Na een paar minuten ontstaat een compacte kudde, die gestaag groeit. Ze staan met zijn honderden voor de afrastering. Nu volgt geen stofwolk, maar rennende schapen die waterplassen ontwijken. Eenmaal in de stal is het een hels kabaal. Lammeren die hun moeder zoeken. Moeders die naar lammeren roepen. `Ze vinden elkaar altijd weer terug`, zegt Toon. Het lawaai ebt langzaam weg. Lammeren drinken, terwijl ooien een plukje hooi pakken.

27 mei – Waterschei Terril - Geologie op de mijnberg

Wapke Feenstra

Geologie is niet te vatten. Gelukkig is Michiel Dusar er weer, hij vertelt over al die miljoenen jaren alsof het niks is. Het verhaal van de steenkool ligt in brokjes op de voet van de terril. Een zandlaag in de steenkool is een overstroming ruim driehonderd miljoen jaar geleden. Omdat ik een tijdbalk heb nagetekend en daar aantekeningen in maak, begint het praten over miljoenen te wennen. We gaan langs de Kattevennen, en kijken naar Het Stenenpad. In chronologische volgorde liggen daar stenen op een rij.

27 mei Borgloon – De zoetwater kwartsiet

Wapke Feenstra

In de boomgaard in Borgloon leidt Koen Martens onze wandeling langs een zoetwater kwartsiet. Hij vond die bij het grondbewerken in de boomgaard. Die kwartsiet is zo´n honderd miljoen jaar oud en ligt op leem dat hier 20 000 jaar geleden geland is. Dat leem ook door de lucht neer kan slaan is nieuw voor mij. Dan breekt Michiel Dusar de kwartsiet in stukken en doet een handzaam stuk onder zijn arm, dat gaat mee richting Brussel, naar de Belgische Geologische Dienst.

28 mei – Waterschei Terril – Natuurwandeling

Wapke Feenstra

Luc Vanoppen organiseert wandelingen waarbij hij planten determineert. Zo ook op de terril. `De terril is één van de weinige plekken waar de biodiversiteit nog toeneemt` steekt hij van wal. Op deze terril is in de jaren negentig een soort chemische laag met `terrilzaden` geplakt en dat irriteert natuurkenners, want het verloop van de toenemende begroeiing is daarmee beïnvloed. Toch ziet hij elk jaar nieuwe planten. Vandaag: veldsla! Dan loont de wandeling. Hij treft op de weg terug een andere natuurkenner, die kijkt met name naar vlinders en insecten.